Stress

Van oudsher had stress als doel om je overlevingskans te vergroten.

Onze voorouders beschikten bij acuut gevaar over drie overlevingsstrategieën: vechten, vluchten of bevriezen, ook wel bekend als de Fight-Flight-or-Freeze respons. Oog in oog met bijvoorbeeld een beer stonden ze binnen een fractie van een seconde in opperste staat van paraatheid.

Hoe kun je zo snel gas geven?

Bij het waarnemen van gevaar wordt de alarmknop in ons hoofd geactiveerd, waardoor de bijnieren worden aangezet tot het produceren van stresshormonen.

Het gevolg hiervan is onder andere dat je sneller gaat ademen, dat je hart sneller gaat kloppen en dat je bloeddruk stijgt. Hierdoor kun je snel meer zuurstof opnemen in je bloed. Ook je alertheid en je spierspanning nemen toe. Dit alles zorgt ervoor dat je van het ene op het andere moment in staat bent om in actie te komen; vechten, vluchten of bevriezen. Als het is gelukt om de situatie te overleven, keert het lichaam weer terug in een staat van rust.

Misschien heb je het wel eens meegemaakt dat je nét een aanrijding kon voorkomen. Voor je het je goed en wel besefte, had je al geremd of een andere kant op gestuurd en vroeg jezelf, met een bonzend hart en met je handen nog stijf aan het stuur, af wat er nu eigenlijk gebeurde..

Dit is overlevingsstress, de Fight-Flight-or-Freeze respons.

Er is gevaar, je laadt op, je komt in actie, je ontspant.

In de tijd waarin we nu leven hebben we vooral last van sociale stress. Zorgen over ons dagelijks leven of over werk worden door onze hersenen ook geïnterpreteerd als gevaar.

Deze ‘mentale beren’ zijn bijvoorbeeld zorgen over je gezondheid of over die van anderen, zorgen over geld, de angst om er niet bij te horen of om afgewezen te worden, werkdruk, gepest worden, zorgen over je toekomst.

In je hoofd wordt dezelfde alarmknop als bij acuut gevaar geactiveerd en ook nu wordt het lichaam voorbereid om in actie te komen. Ook nu gaat je hart sneller kloppen, versnelt je ademhaling, wordt je bloeddruk hoger en neemt je spierspanning toe.

Deze stressreactie is duidelijk minder heftig dan bij de overlevingsstress, maar het komt veel vaker voor en hij houdt veel langer aan. Je zou kunnen zeggen dat je, nadat je gas hebt gegeven, je cruise control hebt aangezet.

Zorgen zijn gedachten. Het zijn je gedachten die bepalen hoe je je gedraagt en hoe je je voelt. Gedachten, emoties en gedrag beïnvloeden elkaar voortdurend.

Vluchten wordt vermijden, weglopen of in jezelf keren als iemand bijvoorbeeld een vervelende opmerking maakt of als je bang bent om afgewezen te worden. Doorbijten, je kaken op elkaar en je schouders eronder zetten om erbij te blijven horen zijn uitingen van het oeroude vechten. Als je bevriest kan het zijn dat je dichtklapt en niet meer uit je woorden komt of dat je verstart in houding of in het vasthouden van je mening.

Vaak ben je je helemaal niet bewust van wat er zich afspeelt in je hoofd en in je lichaam.

Wat je wel merkt is dat je klachten krijgt. Dit gebeurt wanneer je emmer overloopt, je over de grenzen van je veerkracht bent gegaan.

Klachten die je niet kunt verklaren, SOLK

Klachten omdat je niet kon of wilde luisteren naar de signalen van je lichaam, denk aan overspanning of burn-out.

Klachten omdat je lichaam je laat voelen dat je in de vecht-, vlucht- of bevries-stand staat. Lichamelijk kan dat tot uiting komen in hartkloppingen, oppervlakkig ademen en pijn, geestelijk in angst, paniekaanvallen of prikkelbaarheid.

Teveel stress is de bron van alle psychosomatische klachten.